Volg de ontwikkelingen
van het
Ondersteunings-
team Ambulant

Sinds start van dit schooljaar is het Ondersteuningsteam Ambulant, initiatief van de Onderwijscoalitie, actief. Eerder spraken we Nicole Oligschläger en Sylvia Houben al over de achtergrond van dit team en hun rol hierin.
Inmiddels zijn we ruim een half jaar verder en praat Sylvia ons bij over de ontwikkelingen. 

Terug naar de kern

‘Misschien goed om eerst nog even de vier kerntaken van het ambulant ondersteuningsteam te benoemen,’ begint Sylvia. 
Die kerntaken zijn:
1) invliegen van onderwijsexperts: aansluiten met kennis over de doelgroep bij multidisciplinaire overleggen van bijvoorbeeld scholen, samenwerkingsverbanden, multidisciplinair overleg (MDO) of regionaal expertteam (RET).
2) kennis delen binnen de onderwijsketen: kennis en/of trainingen bieden aan scholen en hun medewerkers rondom specifieke hulpvragen.
3) nazorg: het team biedt scholen waar de jongeren naartoe uitstromen ondersteuning.
4) preventieve ondersteuning: het team biedt preventieve ondersteuning in het geval een jongere dreigt uit te vallen.

‘Men weet ons al te vinden’

‘Met die laatste twee taken houd ik me actief bezig: nazorg en preventieve ondersteuning. Het idee was dat ik me eerst zou richten op ‘nazorg’ en dat daarna ‘preventieve ondersteuning’ erbij zou komen. In de praktijk werkt het toch iets anders,’ vertelt Sylvia lachend. ‘De praktijk is dat scholen ons voor het preventieve stuk al weten te vinden. En eigenlijk is dat natuurlijk wat je wil.’

Preventieve ondersteuning

Hoewel het plan dus was om te starten met de nazorgtrajecten (kerntaak drie), is Sylvia ook al actief in de preventieve ondersteuning (kerntaak vier).  ‘Dat klopt. Vier scholen uit de regio (Stella Maris college, Bonnefantencollege, Xaverius en Emmacollege) hebben me benaderd of ik mee wil denken in een casus van hen. Je moet dan denken aan pittige casussen waar leerlingen dreigen thuis te zitten of zelfs al thuis zitten,’ licht Sylvia toe. ‘In eerste instantie bespreek ik met de zorgcoördinator de casus (anoniem) en van daaruit kijk ik wat ik kan betekenen. Je kunt je voorstellen dat zo’n traject al enige tijd speelt en communicatie niet altijd meer heel makkelijk is. Dan kan het helpen dat een onafhankelijke derde, niet gelieerd aan school of gemeente, het gesprek weer kan openen. In zo’n geval start ik met een gesprek met de leerling en/of betrokken ouders. Ik merk dat dat als prettig ervaren wordt, zowel van de leerling en/of ouders als van de school. Van daaruit kunnen we dan weer verder.’

‘Ieder traject is anders’

Dan de nazorg voor de leerlingen van IZEO Via Jeugd. ‘Ook hier is echt íeder traject anders. Laat me om te beginnen uitleggen dat ik niet bij iedere leerling van IZEO Via Jeugd betrokken ben, zoals een collega onze commissie van begeleiding (CvB) dat wel is,’ reageert Sylvia. 
‘Vanuit mijn rol ben ik betrokken bij leerlingen die wonen  bij Via Jeugd en deels of volledig extern onderwijs volgen of leerlingen die uitstromen naar vervolgonderwijs. Om met die laatste groep te beginnen. Het komt voor dat er op maandag door de rechter besloten wordt dat een leerling op woensdag uit moet stromen bij Via Jeugd. Dan zal er, indien deze er nog niet is, toch een geschikte onderwijsplek moeten worden gevonden. Dat is waar ik in beeld kom.’’

Soepel

Maar soms wonen leerlingen bij Via Jeugd en volgen ze gedeeltelijk of geheel extern onderwijs. ‘Ook dan ben ik betrokken. Dan gaat het vooral over hoe krijgen we het geregeld dat de zaken soepel verlopen. Stel iemand volgt nog deels bij ons onderwijs, hoe krijgen we dan rooster en inhoud van de lessen passend aan het onderwijs dat de leerling extern volgt. Daarin is de samenwerking met onze leerkrachten en CvB-ers én de collega’s van de andere onderwijsinstantie heel belangrijk,’ vertelt Sylvia. ‘Alleen door hier samen naar te kijken en aan te werken, komen we vooruit.’

Intensievere kennismaking

De afgelopen periode bezochten Sylvia en Nicole veel verschillende partners.
‘We vinden het belangrijk dat zij weten wie we zijn en wat onze rol is in deze gezamenlijke opdracht vanuit de Onderwijscoalitie,’ gaat Sylvia verder. ‘En dat lichten we het liefst persoonlijk toe. De gesprekspartners variëren van zorgcoördinator tot directeur of conrector van een school. Maar we waren ook bij de BAR (Beleidsadvies Raad) in de drie zuidelijke regio’s Parkstad, Westelijke Mijnstreek en Maastricht Heuvelland. In de laatste twee regio’s sloten we ook aan bij de zorgcoördinator-overleggen.’ 
Ook over de eerste twee kerntaken wordt het gesprek aangegaan. Nicole is hierover samen met Mariëlle Amerika, projectgroeplid vo, in gesprek met de individuele vo-scholen in Parkstad. 

Wekelijks stemmen Sylvia en Nicole onderling af om de verbinding te leggen tussen de eerste twee kerntaken én kerntaken drie en vier. Ze monitoren zaken die ze vervolgens terugkoppelen en/of evalueren met zowel de project- en stuurgroep van de Onderwijscoalitie als de directeur van het samenwerkingsverband vo. Die punten zijn vervolgens weer de basis voor aanpassing of doorontwikkeling.

Verschil maken

‘Wat ik mooi vind aan dit werk is dat je in een traject dat kleine verschil kunt maken,’ benoemt Sylvia ‘Dat je toch opeens een ingang vindt bij een leerling bijvoorbeeld. Als je dan terugkrijgt van ouders of school dat je ze hebt kunnen helpen, dan vind ik dat fijn om te horen. Daar doen we het voor!’

Stel je vraag

Heb je naar aanleiding van dit interview vragen?
Neem dan rechtstreeks contact op met Sylvia (casuïstiek) of Nicole (beleid en organisatie). 

Lees ook de eerdere artikelen over het Ondersteuningsteam Ambulant en de Onderwijscoalitie.


Deel deze pagina